Krak

December 9th, 2009

Al enige tijd ben ik minder tevreden over m’n – archaïsche – pedalen. Vooral de BBB-variant die ik op twee van de drie fietsen heb gemonteerd hebben kuren. Zo af en toe zegt – tot op heden alleen de linkerzijde – krak, en is er een palletjeveertje afgebroken.

Derhalve heb ik onlangs nieuwe – naar het schijnt hippe – pedalen besteld: Speedplays.  Maar zoals dat gaat: eerst moesten de oude er af. Dus vrijdag met de steeksleutel in de weer. Drie van de vier gingen prima. Die laatste had wat meer voeten in de aarde. Dus ik met m’n volle gewicht op de bovenbuis, en afzetten. Krak! Auw!

Dat deed zeer. Maar ik ben een bikkel – naar het schijnt, want ik ben tijdrijder – en had er in eerste instantie geen last van. Dus zaterdag een zware Tacxtraining,  en zondag ’s ochtends een cyclocrosswedstrijd en ’s avonds het liefje zo nu en dan opgetild, zodat ook zij de capriolen van Rammstein op het podium kon ontwaren.

Tot gisteren. Het begon serieuzer pijn te doen. ’s Nachts heb ik alleen op m’n rug gelegen – draaien ging niet meer – en liefje vond dat ik maar naar de huisarts moest. Ik heb dus een rib gekneusd. Mocht ook direct door naar LUMC voor fancy plaatjes. En de komende vijf weken rustig aan, en niet te veel lachen: dan hoor ik een krak.

Bruin

December 6th, 2009

Het was mijn ontgroening. Vandaag, tijdens de SwiBo-cross, op de lokale omloop van m’n wielercluppie trad ik aan tegen een grote horde jonge – en minder jonge – mannen die op hun mtb’s en cyclocrossers hun competitie afwerken.

Vanaf de start had ik het zwaar. Het deed zeer, heel veel zeer. Mijn hartslag schommelde tussen de 5 slagen boven mijn omslag punt en 1 slag onder mijn maximum. De blubber kwam uit mijn oren, en was met geen mogelijkheid van mijn bovenbenen meer te krijgen. Ik ben niet gevallen – dat schijnt voorwaar een prestatie te heten –  maar naar een half uur was de koek op. En dat terwijl de opgave was om vijftig minuten plus een rondje zandtaartjes te bakken.

Het was het mooi geweest. De kleur van mijn kleren en fiets waren duidelijk niet groen meer…

Tacxen

December 5th, 2009

Ik tacx, zij kijkt tv tacxt, wij tacxen. Een raar werkwoord, voor een rare bezigheid.

Vandaag had ik een afspraak met een fotograaf. Zo’n echte, met een hele tas spullen, drieduizend lenzen (of was het nu met lenzen van drieduizend euro?) en megahippe camera. Hij moest bestuurders vastleggen. Nu valt er op de rollenbank of op de Tacx  niet zoveel te sturen natuurlijk, maar dat weet zijn opdrachtgever gelukkig niet.

Binnen trainen is niet mijn favoriete bezigheid. Ik kijk de hele dag al naar beeldschermen, en zelfs in een D1 gutst het zweet al van het lijf.

Maar goed, ijdel als ik ben had ik van te voren bedacht dat het er wel een beetje indrukwekkend uit moest zien. Dus ik had een flinke interval training gepland voor mezelf. Afzien met een hoofdletter A.

En dan stap je na drie kwartier bezweet en totaal uitgewoond af:
- Zit de foto die je zocht er tussen?
- Ja, de vijfde of de zesde die ik schoot.
- En hoeveel heb je er geschoten dan?
- Ach, een stuk of negentig denk ik…

30

December 1st, 2009

Tja, u kent ze wel – u bent immers een renner, of bekend met mijn rare hobby’s – toerrijders. Mannen met buik, een te dure fiets, en dito pretenties. Ze rijden geen wedstrijden, of beter gezegd: Elke rit is er eentje.  Een race tegen de klok. Tegen de kilometerteller, tegen de magische grens van dertig. Toerrijders rijden dolgraag minimaal dertig kilometer per uur. En nog liever: dertig kilometer per uur gemiddeld.

Ik ben geen toerrijder. Daarnaast heb ik die dertig altijd een lachertje gevonden. Wat stelt het nu helemaal voor? Je hoef er je best niet voor te doen. Het gaat bijna vanzelf. Veertig daaarvoor moet je moeite doen. Dat is hard werken, dat doet zeer. Dan begin je pas mee te tellen.

Ik zat fout. Dat werd vandaag heel pijnlijk duidelijk…

p.s. Als het door velen voorspelde buikje is waargenomen, zal ik dat ook laten weten.

WTF (3)

November 30th, 2009

Well, no comment required, i guess.

(..)
if (contextvalue == 0)
{
    string empty = "";
    return (empty.ToString());
}

Moe

October 18th, 2009

Het is half oktober. M’n ogen zijn nog dicht als ik opsta. Ik loop onder de douche door. Tenminste, dat neem ik aan, want dat doe ik altijd. Herinneren kan ik het niet. Met de fiets aan de hand loop ik naar de lift. Dit is wederom een aanname, maar aangezien m’n fiets niet vanzelf gaat is het wel de meest waarschijnlijke verklaring.

Het is half acht en ik zit in de oto op weg naar Drenthe. Half acht! Zondagmorgen, wat zeg ik: zondagnacht. Ik lijk wel ben gek. Mijn digitale fietsvriendjes wachten op me. Alle vier.

De oto gaan vanzelf. Tom doet er lang vooral het zwijgen toe, en de cruisecontrol regelt het gaspedaal. Kwestie van binnen de lijntjes kleuren. Ik heb de kleuterschool met succes afgerond, dus dat lukt aardig.

In Drenthe ontmoeten anderhalve man en een paardenkop. Nu ja, wellicht tien mannen (m/v) en vijf paardenhoofdenkoppen. Het blijft Drenthe natuurlijk. Nergens, en daar midden in, treffen we een café. Het is zowaar open. Sommigen bestellen appeltaartgebak, ik ga voor de mosterdsoep.

Asfalt is een uitvinding die zijn doorgang in het hoge noorden nog niet heeft gehad. Althans, niet overtuigend. Vele karrensporen, schelpenpaden en kasseistroken dienen als ondergrond. En soms, moeten we door een zandbed.

Het is een week na mijn laatste tijdrit en ik ben moe. Onderweg naar huis val ik bijna in slaap in de oto. Als ik mijn bed zie, gaat het licht uit.

Oppeens ben ik wakker. Ik rijd door de Veluwe op een mij nog onbekende zwarte cyclocrosser. Mijn benen trappen rond, zuurstof in de longen. Het is al half november.

Snotweer

October 10th, 2009

Als ik het bed uitstap voelt het hoofd zwaar. Slikken heeft nog het meest weg van het aantrekken van een te strakke spijkerbroek en mijn benen zouden niet misstaan in het assortiment van dokter Oetker. Zij blijft liggen vandaag. Al drie dagen is het niet veel soeps, maar naast een ontstoken oor, een lichte verkoudheid en algemene lamlendigheid is nu ook misselijkheid aan de diagnose toegevoegd. Een kus op haar voorhoofd veranderd daar niets aan. Ik ga dus alleen.

Voor de laatste keer dit seizoen laad ik de hele poppenkast in. De wielen, het frame, de helm, de schoenen inclusief earocovers, de fietspomp, de gereedschapskist en – en dat is nieuw – een Tacx inclusief Tacxwiel. Het is een wonder dat het nog steeds past in ons gemotoriseerde koekblikje. Ik check alles een laatste keer en merk daarbij op dat ik het snelpak al aan heb (de oplettende lezer had dat natuurlijk al gemist in de eerdere opsomming). Ik kan vertrekken.

In vroeger tijden was Noordeloos ongetwijfeld lastig te vinden, maar mijn digitale bijrijdster werkt op satellieten, niet op een kompas, en dus kom ik zonder oponthoud tijdig op de plaats van bestemming. Nadat het rugnummer is opgehaald rijd ik naar een nabij de startlijn gelegen parkeerplaats en laad de hele kermis uit. Oom Erwin heeft slecht weer voorspeld, maar tot op heden is er een waterig zonnetje aan de hemel, en dat geeft de burger moed.

Maar op het moment dat mijn twee trouwste fans arriveren vindt Pluvius het mooi geweest, om het eens Brucoïaans te duiden. Met een vest om de schouders sta ik aan de start te schuilen  onder de paraplu van de man die meer kan dan op zondag het vlees snijden. Moederlief keuvelt wat met een klasbak die geveld door een hevige verkoudheid met een camera in de hand de wedstrijd van de zijlijn gade slaat. Morgen hopelijk beter, waren zijn optimistische woorden.

De rit is kort en hevig, net als bui die is losgebarsten vlak voor het vertrek. De regen slaat op de bril neer, en het zich is slecht. Takken en plassen liggen op de weg en door elkaar en de wind is striemend. De eerste bocht ga ik glibberend door. Als ik de odometer moet geloven ben ik stilgevallen. Er prijkt 0,0 op de display. Het zal wel. Direct na de tweede bocht krijg ik een nieuweling in het vizier. D’r op en d’r over. Daarna draait het parcours wind mee. Op de 53:13 gaat het hard, maar toch niet soepel. Op karakter gaat het laatste stuk tegen de wind terug. Ook mijn lijf is niet top vandaag.

Na de finish linea-recta naar de oto. De spullen er snel in en weg hier. Ik ril, en snotter. Wat een weer. Volgend jaar hopelijk beter…

Camp

October 2nd, 2009

Clubliefde gaat ver, heel ver. Of ik mij als representant van Leidse Tour- en Wielervereniging Swift wilde aansluiten in de jaarlijkse taptoe ter meerdere eer en glorie van het feest ter herinnering aan het ontzet van Leiden. Zeg dan maar eens nee.

Ik heb helemaal niets met de jaarlijkse festiviteiten op en rond 3 oktober in mijn woonplaats. Ik kan mij nu eenmaal veel leukere dingen voorstellen dan hutspot eten met mijn dronken buurman, of mee lallen op stadsheldin Mary. Een ieder zijn meug.

Maar als ik iets doe, probeer ik het goed te doen. Dus toog ik in mijn meest opvallende wieleroutfit, rijdend om mijn meest opvallende fiets richting het verzamelpunt. Een aanhangwagen duidend dat ik tot de amateurs behoorde, deed de rest:

Verstrooid

September 30th, 2009

Kent u die mop van die verstrooide wielrenner die ging tijdrijden? Natuurlijk kent u die. Het is een mop met een baard. En niet een baard als onze nieuwbakken wereldkampioen tijdrijden Fabian Cancellara, maar die van onze goedheiligman. Jammer genoeg, want tijdrijden als Fabian – snelheid en behendigheid – dat zou ik ook wel willen.

Enfin, met de pijn nog in de kontachterwerk van de 122,4 km lange veldslag toog ik vanmorgen met mijn machine richting de otomobiel. Ook de fietsgereed­schapskist, en de tijdritfietspomp (met haaks fentielsluitstuk) had ik bij me. Alles ingeladen voor een dag deugdzame arbeid.

Belt rond half zeven mijn liefje:
- Zeg liefje, je hebt toch maar één druppelhelm?
- Ja, hoezo?
- Nou, er staat hier een tas in de gang, met je helm, snelpak, en je witte raceschoenen

Timo

September 29th, 2009

Timo, die naam zegt u wellicht niets, maar dat is een groot renner in de dop. Met zijn korte lijf en zijn vlieggewicht van acht pond is geen berg te hoog. En hij kent als geen ander de mantra’s van een goede training: op tijd eten en heel veel rust. Zoals Joop al zei: de koers wordt gewonnen in bed. Heden is een kampioen geboren.

De koersfiets van Timo

Uitvoerige testritten door oom en vader

De talentbegeleiding