Archive for the ‘Tijdstrijd’ Category

Testpiloot

Thursday, May 27th, 2010

We nemen een ex-prof, een fotograaf, een redacteur, een stagair, vier tijdritfietsen en een tijdritjunk. We plaatsen ze net even buiten Goirle op een fietspad en laten ze testpilootje spelen. Als bladvulling voor Fiets magazine.

Ze rijden wat heen en weer. Proberen een soepele bocht te nemen, wisselen van pedalen en zadelhoogte en nemen vervolgens de volgende.

Mijn persoonlijk rapport:

Canyon Speedmax AL 8.0 (1499 euro)
Bij mensen met een onmetelijk grote beurs, anti-Duitse gevoelens, en/of een voorliefde voor poespas zal deze fiets niet snel in huis komen. Ten onrechte. Hij is stijf, goedkoop, ziet er imho geweldig uit, stuurt zeer behoorlijk en is zeer aerodynamisch. De afmontage is niet super, maar daar is de prijs dan ook naar. Voor 500 euro meer heb je een earo-crankstel én volledig ultegra. Eindcijfer: 8.

Giant Trinity (1599 euro)
De Giant is het ‘lelijke’ broertje van de Trinity Advanced (de consumentenversie van waar Team Highroad en Rabobank mee rijden). En hoewel sloping frames not-done zijn bij tijdrijden, is het zeker geen verkeerde fiets. Met een FSA aero-crankstel en als enige van de geteste fietsen velgen van enige hoogte zeker een mooi exemplaar. Aangezien hij net als de Canyon ook nog is scherp geprijst is, maakt hem een serieuze optie. Het sturen vond ik wel wat minder. Eindcijfer: 7½.

Cannondale Slice 105 (2199 euro)
Van Cannondale kwam het enige carbonframe dat we mochten testen. Hij stuurt goed (vergelijkbaar met de Canyon), en ‘voelt’ snel. De basiskleuren (gifgroen) konden mij niet bekoren. Ook de zitbuisconstructie is wat gekunsteld. Het is een goede fiets, maar volgens mij geen betere keuze dan de aluminium fietsen. Wel is hij een stuk duurder. Daarom een 7 als eindcijfer.

Cube Aerium Race (1999 euro)
Deze fiets vond ik op het eerste gezicht al niets. De zitbuis is ronduit lelijk en voegt volgens mij niets toe. Ik kan me niet voorstellen dat de fiets er stijver of aerodynamischer van wordt. Er zit een duurdere crank op die niet zou misstaan op menig racefiets, maar op een tijdritfiets lijkt het me niet de meest logische keuze. Ook reed en stuurde hij minder dan de andere drie.  De prijs is zeker in dit licht bezien aan de hoge kant. Eindcijfer: 5.

Ik heb dit jaar vijf tijdritfieten mogen testen (eerder een Moozes). Op de Cube na allen prima fietsen. Alleen de Moozes (die wel een stuk duurder is) had als stuur (Pro Missile) dat lekker stijf en compact aanvoelde (de sturen van vandaag waren allemaal redelijk lomp). Ook zouden ze er een stuk sneller zijn (en beter uitzien) met snellere wielen. Nadeel is alleen dat je voor een diskwiel en earovoorwiel (zeg 35 mm plus) al snel 1000 euro kwijt bent, en dat zo’n Pro Missile stuur ook zomaar 300 euro plus is. Het blijft een dure liefhebberij…

Ik ben heel benieuwd hoe een en ander straks in Fiets terecht komt. Ik houd u op de hoogte als e.a. in de schappen ligt.

Nederigheid

Wednesday, May 26th, 2010

Zet mij tussen een stel vijftigplus toerders met oude stalen fietsen met opzetsturen, en ik lijk een hele snelle renner. Zet met tussen het startersveld van het District Kampioenschap Tijdrijden Zuid-Holland, en ik verschrompel tot een armzalig miezerig rennertje.  Negenenzestig renners reden drie rondjes in Lisse (de nieuwelingen deden er twee) en slechts drie minderjarige pubers (op waarschijnlijk duidelijk minderwaardig materiaal) reden langzamer. De rest maakte gehakt van mij en mijn tijd.

Bij de amateurs van het B garnituur viel het gelukkig wel mee. Ik werd vijfde en daarmee laatste, maar op 19,41 seconde van het podium. Een podium dat mij overigens met trots vervuld.  Mijn tijdritvrienden en clubgenoten VDB en De Zigeuner werden respectievelijk tweede en derde.

Met 303 Watt gemiddeld, en 39,21 kilometer per uur tel ik op dit bochtige parcours tel ik voorlopig m’n zegeningen. De weg omhoog is ingezet. Wellicht wordt het nog wat dit seizoen. En anders is er altijd nog 2011…

Tja

Thursday, May 20th, 2010

Woubrugge vanavond. Tweede ronde Swift Time Trials. Cijfers liegen niet:  Gemiddeld 316 Watt, tijd 21:40 (gemiddelde 39,88 km/u). Niet meer over hebben.

N.B. Die SRM vergt nog wat interpretatie: gisteren 248 Watt, nu 316 Watt  en gemiddeld even hard.

Uitstekend

Wednesday, May 19th, 2010

Gisteren stond de tweede ronde van de Zuid-Holland Tijdritcompetitie op het programma. Het is een mooi rondje (met waardeloos asfalt, dat weer wel) dat vier keer moet worden afgelegd.

Deze cijferfetisjist heeft wel wat geleerd. Minder kijken (op de tellertjes), meer trappen (248 Watt gemiddeld is echt te weinig).  Gemiddelde snelheid was onder de 40 kilometer per uur. Alleen mijn helm was uitstekend…

Martelwerktuig

Tuesday, May 11th, 2010

Vriend H. (en collega) loopt onze werkkamer binnen. Zegt tegen een collega H. J. (en vriend):
- Google eens op ‘martelwerktuig’. Op pagina vijf kom je dan een heel gek plaatje tegen.

Nu ja zeg, wat is daar zo gek aan? Tijdrijders hebben nu eenmaal koosnaampjes voor een tweewielers. Het is toch veel gekker dat er mensen zijn (die ik ken) die op ‘martelwerktuig’ zoeken?

Polderen

Sunday, May 9th, 2010

Gisteren reed ik mee tijdens de Polderkampioenschappen Tijdrijden. Dat had nogal wat voeten in de aarde klei. Het betrof hier namelijk niet de polder om de hoek, maar de Noord-Oostpolder. Een gebeidsdeel in dit land dat bij ontginning niet buitensporig is bedeeld met openbaar vervoer gelegenheden. Normaal gesproken zou ik daar met de oto heen gaan, maar vriendinlief had deze geclaimd. Ze zou starten in de Giro te Amsterdam (de toertocht, maar toch) en zeg dan maar eens nee.

Na veel wikken, wegen, en compromissen sluiten was het plan dat ik met de fiets naar Lopik zou rijden, aldaar een oto van m’n ouders/broer zou lenen, om de reis voort te zetten. Op de terugweg zou ik de oto weer achterlaten en het laatste deel weer per fiets afleggen.

Schoonzus had echter een compu met panne, en deze moest gerepareerd.  Aangezien deze niet in de rugzak mee terug kon, werd ik opgehaald. Geen twee uur D1 ter voorbereiding dus. Ik ben flexibel – naar het schijnt – dus het kwam goed.

Ter plaatste reed ik in door wat kilometers asfalt te pakken. Het is weer wat anders dan een Tacx, maar ook die past niet in een rugtas.

Het was gemoedelijk in de Noord-Oostpolder. Ik ontmoette er meerdere (internet) bekenden. En had voor het eerst sinds lange tijd een goed gevoel bij m’n vorm.

Toch liep het tijdens de wedstrijd maar matig. Met de hartslag zat het wel goed. Voortdurend rond de 171, dus een redelijke hap boven omslag. Hoger wilde hij niet. De snelheid viel tegen, net als de cadans.  Ondanks verwoede pogingen vond ik nergens een lekkere trend en was het harken ploegen tot de finish. Pluspunt was dat ik compleet kapot over de finish kwam. Ik had niet het gevoel ergens meer te kunnen geven.

Met 23:18 bleef ik mr. tijdrijden.nl 7 seconde voor. Toch ook een persoonlijke overwinning. Voor een overwinning in mijn categorie had ik meer dan twee minuten rapper moeten rijden. Dream on…

Na afloop nog gezellig staan praten met m’n medestrijders. Zelfs als je niet goed rijdt, maakt dat je dag weer helemaal goed. Het is toch ook vooral een sociale bezigheid, dat tijdrijden.

Helaas werd ik op de weg naar huis bevangen door een heftige migraineaanval. Anderhalf uur vechten tegen misselijkheid, duizeligheid, en hoofdpijn. Gelukkig wilde m’n liefje me bij m’n ouders ophalen.

Arbeid

Saturday, May 1st, 2010

Arbeid adelt (en adel arbeidt niet, grapte men al in de legendarische stripserie “Van nul tot nu”). Aangezien ik wel een edele – edoch geen adellijke – achternaam heb, sloof ik zo nu en dan voor voor anderen, vrijwillig wel te verstaan.

Meestal heb je veel eer van je werk. Complimentjes in de vorm van PM’s, e-mails, schouderklopjes en andere dankbetuigingen maken e.a. de inspanning meer dan waard. Het grootste geluk heb ik echter als ik zie dat de mensen voor wie je het doet, het zichtbaar naar de zin hebben. Dat mijn enthousiasme aanstekelijk werkt.

Dat je het niet iedereen naar de zin kan maken bleek onlangs ook helaas: “Ik zie mensen op tijdrit fietsjes met spaakwielen, dichte achterwielen en een veel te groot ego zonder inhoud. Daar wil ik niet mee geassocieerd worden. Get a life. Ga eens wat nuttigs doen dan zeuren (..)”. Harde woorden van een mede-forumlid. Het was even slikken. Heb ik met m’n grote bek weer eens iemand onbedoeld geschoffeerd? Leer ik het dan nooit? Af en toe wat milder en subtieler zijn? Of is het nog erger, doe ik meer mensen niet, dan wel plezier met m’n goed bedoelde bemoeizucht?

Gelukkig kwam er dit keer een opsteker uit onverwachte hoek. Op de dag van arbeid plofte het nieuwe Fiets-magazine op de deurmat:

De inspanningen voor de TijdstrijdersCup hebben landelijke publiciteit opgeleverd. Hopelijk helpt dit mee om het volgend jaar voor 150 deelnemers een evenement te organiseren. Mensen die wel met spaakwielen en dichte achterwielen geassocieerd willen worden…

Leenwiel

Wednesday, April 28th, 2010

Ik heb een naam hoog te houden als het gaat om het vergeten van noodzakelijke attributen. Ik vergat al eerder schoenen, een volledige tas met kleding, eten en drinken tijdens een cyclo, een regenjack, en ongetwijfeld nog veel meer. Vandaag kan ik aan dat illustere rijtje een fietspomp toevoegen.

Aangezien m’n HED H3 voorwiel is voorzien van een tube met latex binnenwerk is deze in geen tijd zacht. Zonder pomp begin je dan niet veel. Gelukkig wilde Christian wel een wiel uitlenen. Baten deed het niet, want ik reed niet best. Net onder de 15 minuten (14:54,63), maar best was het niet.

Tot overmaat van ramp zit er nu een (mini)slag in dat wiel. Heb ik weer…

Tik

Thursday, April 15th, 2010

Onlangs heb ik via het grote wereldwijde web een SRM gekocht. Dat is een crank met vier extra stukjes metaal erin, waar als je er aan trekt een spanning over komt te staan. Er zit een hip rood kastje/display bij en een chipje in die één en ander omzet in leesbare data. In Watt onder andere.

De vorige eigenaar van dit veel te dure speelgoed woont aan de andere kant van de grote plas, dus de lader  kon niet zomaar in het Nederlandse lichtnet geplugd worden. Tussen de bedrijven door had ik daar wat op gevonden (met een stroomomvormer) en ik had een beetje zitten pielen met de aansluiting. Zonder succes.

Bij aankomst in Woubrugge hinkte ik nog op twee gedachten: zal ik kijken of e.a. het nog doet, of zal ik het laten voor wat het is? Uiteindelijk voor het laatste gekozen en gaan inrijden.

Het ging allemaal niet heel soepel en toen ik m’n Tacxwiel verving door m’n disc, leek m’n hippe nieuwe aerodynamische achterrem aan te lopen. Wat gevloek en gepiel met geleend gereedschap later, leek het in orde.

Nog even een stukje fietsen, en wat denk je? Getik. Heel irritant.
- Loopt die rem nog steeds aan?
- Shit, ik moet bijna starten…

En niet veel later reed ik dan. Met tikkende fiets. M’n snelheidsmeter gaf hele rare waarden: 38, 45, 38, 65, 42, 80, 37, tik, tik. Ik had geen tijd om er over na te denken, behalve dan, dat de sensor wellicht aanliep, of dat de tik een hick-up in m’n teller zou veroorzaken. Tik, tik, tik, tik.

De hartslag zakte zelf weer even onder m’n omslag. Na de bocht ging het beter. Tik, tik, tik, voor de wind schakelde ik naar de 54:14. Het moest wel hard gaan, gezien het feit dat ik dat lekker rond kreeg. Tik. De slinger ging ik te hard in, waardoor ik voor het tweede deel meer moest remmen dan me lief was. Tik, tik.

Toch was ik zo weer op gang en schakelde zelfs door naar de 54:13. Een verzet dat ik zelden hanteer. Wow, het waait. Maar die tik! De hartslag ging goed het rood in met 176 slagen, maar ik werd gek van dat tik, tik, tik, tik, tik.

De finish kwam in zicht. Tik, tik, tik, 10:24. Deceptie, tien seconde langzamer dan vorig jaar. Pas toen ik weer bij m’n positieven was zag ik wat er mis was: de snelheidsensor liep idd aan, en mijn voorwiel zat verkeerd om. Iets wat met een Hed H3 wel degelijk uitmaakt. Daar sta je dan met je mooie materiaal, jezelf een beetje tegen te werken.

Een schrale troost. Lance Armstrong Der Jan (met dank aan Bruco) ging me voor…

Vrijwillig

Sunday, April 11th, 2010

Drommen filosofen hebben zich het hoofd gebroken over de vrije wil van de mens. Waarom maken we de keuzes die we maken. Waarom reizen sommigen met een camper vol bier af naar Carrefour de l’Arbre af om daar – verkleumd van de kou – hun helden toe te schreeuwen? En wat bezielt anderen om in die zelfde kou, met hun snufferd tegen de wind een rondje (een hele grote rechthoek) door de Flevopolder te rijden?

Is dat uit vrije wil, of zijn er hogere machten in het spel? Kwelgeesten, die ons mensen allerlei waanideeën influisteren: je kan harder, zie af, je bent nog lang niet moe genoeg. Of is het zo dat we ons geen voorstelling wensen te maken van welk lijden ons nog te wachten staat, en tuimelen we er keer op keer met open ogen weer in?

Welk mechanisme het ook is, toen ik 1 december 2009 het plan wereldkundig maakte waar ik al ruim en jaar mee rondliep, kon ik niet bevroeden wat dit allemaal te weeg zou brengen. Maarliefst 110 renners planden een zondagochtend in om 40,8 kilometer lang zich het snot voor de ogen, en licht uit het hoofd te fietsen. Natuurlijk zaten daar redelijke mensen tussen, die op dit doldwaze plan terug kwamen, maar 78 van het verschenen aan de start.

Sterker nog, nadat ik samen met m’n vriendin 3 stopwatches, 1 laptop, 1 picknicktafel, 120 krentenbollen, 18 flessen cola, 18 flessen sinas, 8 pakken appelsap, 8 pakken sinaasappelsap, 100 plastic bekertjes (die spoorloos verdwenen lijken), 2 starlijsten, 2 bekers, 4 medailles, 2 leenfietsen, 1 leen-opzetstuur, had geregeld én een geweldige groep vrijwilligers had gevonden die ons allen veilig lieten starten, oversteken, finishen en met uitgebeten koppen op de digitale plaat vastlegden, kon ik zelf ook nog een rondje rijden.

Waar was ik aan begonnen? Dat was de gedachte die door mijn hoofd maalde toen ik wegreed. Door de organisatiestress (naast deze TijdstrijdersCup ook voor het Prinsenstad Toernooi het weekend ervoor) had ik al twee weken nauwelijks meer op de fiets gezeten. Tot overmaat van ramp had ik afgelopen dinsdag tijdens het opruimen van wat monitoren een spier in m’n nek verrekt. De last die ik hiervan ondervond was behalve wat pijn overdag, vooral dat ik ’s nachts wakker werd als ik me draaide. Maar er was geen weg terug.

Na 7 kilometer dacht ik nog:  ik rijd regelmatig tijdritten waar ik nu al weer binnen ben, zou dat nu niet heerlijk zijn? En, doe ik mezelf dit echt vrijwillig aan? Pas na het stuk met tegenwind, waar ik de snelheid met moeite boven de 30 kilometer per uur hield, gingen die gedachten weg. De omgeving begon weer vertrouwd aan te voelen. Toen ik de Vogelweg overstak – en een vrijwilliger een auto tot kalmte maande – keerde het in mijn hoofd echt om: oh, ik hoef maar een keer rond.

Voor de wind ging het niet onaardig. In eerste instantie zo’n 45 à 46 kilometer per uur, tegen het einde ruim 48 kilometer per uur met een piekje boven de 50. Toen de finish niet ver meer was perste ik het laatste uit me wat in mij was. De tijd was niet om over naar huis te schrijven (waarom blog ik er dan wel over?): 1:05:32. Ik reed hier al twee maal sneller, op één dag wel te verstaan.

Toch heb ik genoten. Zoveel gelijkgestemden bij elkaar. Dus ondanks alle zorgen vooraf, en het lijden op de fiets, zal ik me hier volgend jaar weer aan onderwerpen. Vrijwillig…